Het distributief zijn van een werkwoord betekent dat het werkwoord een herhaalde handeling aanduidt over meerdere objecten. We denken hierbij aan werkwoorden die bijvoorbeeld een beroep, hobby of gewoonte aanduiden, met andere woorden, dezelfde handeling wordt meerdere malen uitgevoerd. Voorbeelden zijn dingen zoals vissen, jagen of roken.
De distributieve vervoeging wordt ook gebruikt voor handelingen die opzettelijk schade kunnen toebrengen.
Mang- werkwoorden
Het mang- werkwoord wordt gebruikt als de actor van het werkwoord de ang-vorm heeft. De vervoegingsregels zijn tamelijk ingewikkeld, en hangen mede af van de eerste letter in de stam. Een bijkomend probleem is dat veel bronnen elkaar op dit gebied tegenspreken. Waarschijnlijk zijn de regels hiervoor regiogebonden.
"Mang" werkwoorden worden gevormd door het voorvoegsel "mang" te gebruiken. Echter, begint de stam met "p", "b" of "m", dan wordt het voorvoegsel "mam". Voor stammen die beginnen met "t", "d", "l" of "n" wordt het voorvoegsel "man". In beide gevallen vervalt de eerste medeklinker van de stam, behalve als de stam begint met "l", en in een aantal gevallen met ook "d". Als de eerste letter van de stam vervalt, of wanneer de stam met een klinker begint, neemt deze de laatste letter van het voorvoegsel (ng, n of m) in zich op. Het voorvoegsel reduceert daardoor tot "ma", terwijl de laatste letter van het voorvoegsel deelneemt aan de MK-reduplicatie van de stam.
Infinitief
Plaats "mang" voor de stam.
Isda → Mangisda (vissen), Bili → Mamili (winkelen), Huli → Manghuli (vangen)
Voltooid verleden tijd
Plaats "nang" voor de stam.
Isda → Nangisda, Bili → Namili, Huli → Nanghuli
Onvoltooid tegenwoordige tijd
Plaats "nang" voor de MK-geredupliceerde stam.
Isda → Nangingisda, Bili → Namimili, Huli → Nanghuhuli
Toekomende tijd
Plaats "mang" voor de MK-geredupliceerde stam.
Isda → Mangingisda, Bili → Mamimili, Huli → Manghuhuli
* Een (persoonlijk) voornaamwoord of naam van een dier / persoon heeft nooit de "ng" vorm als het direct object (leidend voorwerp) van de actie is. Gebruik dan altijd de sa-vorm: Nanakit mo ng babae -> Nanakit ka sa kaniya / Nanakit ka kay / kina Maria.
In- werkwoorden
Distributieve werkwoorden waarbij het direct object de ang-vorm heeft krijgen onder andere de "in" vervoeging die al is besproken in het onderdeel "Direct object als onderwerp".
Pang--in werkwoorden
Distributieve werkwoorden met een ang-vorm direct object kunnen ook gevormd worden door de "pang--in" vervoeging, een gecombineerde vervoeging van het "pang" voorvoegsel en het "in" achtervoegsel. Voor "pang" gelden dezelfde regels als voor "mang" met betrekking tot de eerste letter van de stam.
Infinitief
Plaats "pang" voor de stam, "in" erachter.
Isda → Pangisdain (vissen), Bili → Pamilhin (winkelen), Huli → Panghulihin (vangen)
Voltooid verleden tijd
Plaats "pinang" voor de stam.
Isda → Pinangisda, Bili → Pinamili, Huli → Pinanghuli
Onvoltooid tegenwoordige tijd
Plaats "pinang" voor de MK-geredupliceerde stam.
Isda → Pinangingisda, Bili → Pinamimili, Huli → Pinanghuhuli
Toekomende tijd
Plaats "pang" voor de MK-geredupliceerde stam, en "in" erachter.
Isda → Pangingisdain, Bili → Pamimilhin, Huli → Panghuhulihin